NAVO JOC Cannerberg

juni 2013




In de Boschberg, onderdeel van de Cannerberg, was van 1954 tot 1993 een commandocentrum en oorlogshoofdkantoor van de NAVO gevestigd. Nederlandse, Belgische, Duitse, Engelse en Amerikaanse militairen werkte hier dagelijks met 200 tot 250 personen, 's nachts met 40 personen en tijdens meerdaagse oefeningen tot wel 1000 personen. Hier werd beslist over de nucleaire alarmfase en was onder andere de vluchtleiding over het gebied van Noorwegen tot IatliŽ.



 
De spanningen tussen oost en west werden minder en wegens de aanwezighied van asbest werd de berg verlaten.  Om het stelsel af te dichten met beton en alles te laten zoals het was trapte eigenaar het Limburgs Landschap niet in. De berg werd leeg gemaakt en ontdaan van asbestdeeltjes. Het kostte 40 miljoen euro en 10 jaar arbeid om alles naar buiten te brengen. Het in die jaren geproduceerde afval dat in de berg werd bewaard als meubilair, apparatuur, bekabeling, pijpen, etc was nog het minste werk. Veel meer werk ging zitten om alle asbest weg te halen. Zo werden bijvoorbeeld alle mergelwanden met handschrapers afgekrabt door mensen in witte pakken met gasmaskers op.

Enkele cijfers over het complex: Er waren 51 toiletten, 31 urinoirs, 27 douches, 75 wasbakken en 4482 TL-lampen. Aan asbesthoudend materiaal werd 9,3 miljoen kilo afgevoerd, 2,9 miljoen kilo met olie verontreinigd mergel, 158 duizend kilo puin en 12.500 m3 afkomstig uit de vuilstort.

Wat overbleef zijn deuren en muren waar ooit de kantoren waren. Enkele borden en ander materieel uit die periode zijn eerst buiten de groeve schoongemaakt en vervolgens  weer terug gebracht.

Een kijkje van de huidige situiatie:




Een plattegrond van het stelsel. De foto kan gedownload worden en is dan groter van formaat..



De entree



De gangen

Als in een gewoon kantoor een kluis en tl-lampen



Het stelsel kent delen die met een letter aangeduid zijn en die vervolgens weer naar het radioalfabet zijn omgezet



Veel is weg gehaald. Foto's laten zien hoe het er destijds er aan toe ging







Ondergronds was er ook een kapper. Die te lang haar had werd naar de kapper gestuurd. Het aantal modellen was beperkt: "bloempot" vertelde de kapper van destijds

De mergelgroeven zijn doorgaans hoog. Op normale hoogte was er een plafond waarboven de buizen en bedrading liep.  De kantoren  hadden een standaard gipsplafond. Er moest wel flink gestookt worden en ontvocht. Per week kostte het 40.000,= gulden aan energiekosten.


Er was ook vertier. Buiten een golfbaan van 3 holes was er ook een bar. Heineken, Brand en Alken was het standaard aanbod. Op het muurtje van de rechter foto lag destijds een dikke houten blad en was de bar.


De offcieren en ander hoger personeel hadden een eigen ruimte, met leistenen vloer.




Via een aparte bewakingspost kwam men in het echte commandocentrum. In zijkamertje was een van de kamers waar beslist zou worden over het gebruik van kernwapens.





Doorgaans was men aangesloten op het burgelijk electriciteitsnet maar in geval van nood waren er drie aggregratoren.


Er sronden enkele brandstoftanks. Ze hebben gelekt en daarom moest er mergel afgegraven worden.  Ook dit was een opruimingsactie die nooit eerder in de wereld plaats gevonden had en de beste  mothode gevonden moest worden


Links de shreddingroom, al het papier dat werd niet alleen in kleine snippers gemaakt maar ook tot pulp vermalen.

Er werd veel gebruik gemaakt van 'point to point' verbindingen, rechtstreeks leidingen zonder centrale.. Voor burgelijke zaken was er een telefoon met de buitenwereld met een waarschuwingssticker op het toestel dat er geen vertrouwelijke informatie door gesproken mocht worden. De telefooncentrale was er een met contactpinnen zoals we ze kennen uit de beginperiode van de telefoons.

De receptieruimte.


En zo kom je wee buiten...



 

Naar: Rebolim Wegwijzer